|
|
Groningen is een provincie in het noorden van
Nederland met 572.706 inwoners (31 augustus 2008), waarvan bijna
een derde in de gelijknamige hoofdstad Groningen woont.
Groningen grenst in het noorden aan de Waddenzee, in het
noordoosten aan de inhammen Eems en Dollard, in het oosten aan
Nedersaksen, (Duitsland), in het zuiden aan Drenthe en in het
westen aan de provincie Friesland.
Bij de provincie horen drie kleine, onbewoonde Waddeneilanden:
Rottumeroog, Rottumerplaat en Zuiderduintjes. Naar deze
Waddeneilanden worden jaarlijks een aantal malen wadlooptochten
georganiseerd.
Geografie
Qua oppervlakte is Groningen een van de kleinere provincies van
Nederland. Dat relatief kleine oppervlakte wordt echter wel
gekenmerkt door een grote verscheidenheid aan landschappen.
Het noordoosten van de provincie grenst aan het
Eems-Dollardestuarium. In de streek rondom dit estuarium is in
de loop van de geschiedenis veel landwinning geweest. De streek
wordt vooral gekenmerkt door herenboeren met prachtige kapitale
boerderijen en kleine arbeidershuisjes. Nergens in Groningen was
het verschil tussen rijk en arm zo groot. Vandaar ook dat er
juist in het Oldambt een communistische partij is opgestaan.
Deze was tot 2006 de grootste partij in de gemeenteraad van de
gemeente Reiderland.
Onder het westelijke deel van dit gebied (Fivelingo), bij
Slochteren, ligt een grote aardgasbel die allengs echter
uitgeput raakt. De vermindering van de druk in de ondergrondse
aardlagen leidt tot een meetbare daling van het maaiveld en
regelmatig tot aardbevingen.
Het zuidoosten, de Veenkoloniën, was oorspronkelijk een
uitgestrekt hoogveengebied dat vanaf de 17e eeuw ontveend en in
cultuur gebracht is. Uit die tijd resteert een uitgebreid
stelsel van kanalen, welke het gebied een welhaast wiskundig
karakter geeft. Traditioneel werden hier vooral
fabrieksaardappelen verbouwd, die de basis zijn van een
uitgebreide industrie.
Oostelijk van de Veenkoloniën en het Oldambt ligt Westerwolde,
een streek op zandgrond. Hier ligt het hoogste punt van
Groningen, de Hasseberg. De streek wordt gekenmerkt door een
glooiend, kleinschalig landschap met veel bebossing en
Meanderriviertjes. De streek lijkt meer bij Drenthe te horen dan
bij Groningen.
Ook het zuidelijk Westerkwartier in het westen van de provincie
ligt op een lage zandrug. Dit is een uitloper van de Hondsrug.
Het heeft qua landschap, een coulissenlandschap, veel weg van de
Friese Wouden.
Het noorden van het Westerkwartier en Hunsingo kenmerken zich
vooral door de wierden. Deze streek behoort tot de oudste
cultuurlandschappen van Nederland. Al voor de jaartelling werd
begonnen met het winnen van land op de zee, eerst direct rond de
wierden, later door het bouwen van steeds nieuwe dijken.
Karakteristiek zijn de kerkjes die de wierden domineren en een
geheel eigen bouwstijl vertegenwoordigen die eigenlijk alleen in
Groningen en Friesland voorkomt, de romanogotiek.
Tenslotte is er de Stad, gekenmerkt door een sterk stedelijk
karakter. Oorspronkelijk waren de stad Groningen en plaatsen in
de directe omgeving zoals Haren waarschijnlijk Drentse esdorpen,
ontstaan op de Hondsrug.
De belangrijkste kanalen in de provincie zijn het Reitdiep, het
Van Starkenborghkanaal, het Eemskanaal, het Stadskanaal en het
Winschoterdiep.
Economie
Van oudsher is de provincie vooral een landbouwgebied. De
vruchtbare zeeklei van het Hogeland en het Oldambt, en de
dalgrond in de Veenkoloniën zorgden voor een goed ontwikkelde
akkerbouw die basis was voor de suikerindustrie in de stad, en
de de aardappelmeelindustrie en strokartonindustrie in het
oosten van de provincie. De strokarton is inmiddels
geschiedenis, de aardappelmeelindustrie houdt nog enigszins
stand.
Het ontginnen van de veenkoloniën is daarnaast een stimulans
geweest voor de scheepsbouw. Nog steeds worden langs het
Winschoterdiep nieuwe schepen gebouwd die middels dwarshellingen
te water worden gelaten. Die scheepsbouw hing ook samen met een
vraag naar schepen voor de kustvaart, in de negentiende eeuw was
Groningen naast Amsterdam en Rotterdam de voornaamste thuishaven
van de Nederlandse handelsvloot. Groningen verklaarde zichzelf
dan ook tot derde handelsstad van Nederland.
Dienstverlening en handel hebben zich van oudsher altijd
geconcentreerd in de stad Groningen. Die tendens heeft zich in
de twintigste eeuw alleen maar versterkt.
De haven en de petrochemische industrie in Delfzijl zijn ook
belangrijk voor de regionale economie. Daarnaast worden er in de
Eemshaven een aantal Energiecentrales gebouwd.
De allerbelangrijkste bijdragen van Groningen aan de Nederlandse
economie zijn echter de delfstoffen. In eerste instantie was die
bijdrage beperkt, in de buurt van Veendam en Heiligerlee werd
wat zout gewonnen. Dat veranderde spectaculair in 1959 toen bij
Kolham het aardgasveld van Slochteren werd aangeboord. De
directe opbrengst voor de Nederlandse staat is inmiddels (2006)
tot meer dan 100 miljard euro opgelopen.
Riviertjes in het gebied zijn het Reitdiep, waarin de Drentsche
Aa en de Hunze samenkomen, de Oude Lauwers en het
meanderriviertje de Westerwoldse Aa die ten zuiden van Wedde
Ruiten Aa wordt genoemd.
Streekproducten en -gerechten
De provincie Groningen heeft, net zoals de meeste andere
regio's, eigen streekproducten en streekgerechten. Voorbeelden
hiervan zijn Spekdikken, Fieterknutten en Groningerkoek.
Cultureel erfgoed
Het cultuurhistorische erfgoed van de provincie wordt vooral
gevormd door de oude dorpskerken, en door borgen (versterkte
landhuizen, zoals de Fraeylemaborg in Slochteren). Langs de
Duitse grens liggen de vestingdorpjes Bourtange, Nieuweschans en
Oudeschans. De stad Groningen kent, ondanks aanzienlijke schade
die aan het einde van de Tweede Wereldoorlog werd aangericht,
ook een flink aantal monumenten. In het Groninger museum zijn,
naast de historische voorwerpen uit allerlei delen van Groningen
en de rest van de wereld, ook stukken hedendaagse kunst te
bezichtigen.
Groningen heeft een eigen feestdag, Gronings Ontzet, gevierd op
28 augustus.
De olle grieze Martinitoren en de Martinikerk zijn het
'beeldmerk' van Stad en Ommelanden.
Vakantie op het Groningse platteland steeds meer in trek. Boerderijcamping
ook in Gronoingen steeds populairder.
|
|